Steun ons en help Nederland vooruit

Mobiliteit en bereikbaarheid

De vraag naar alle vormen van vervoer blijft voorlopig toenemen als gevolg van de economische groei, de toename van recreatiegedrag en de groei van de bevolking met circa 400.000 inwoners tot 2040. Het zal druk worden op de weg, op fietspaden en in het openbaar vervoer. Wel verwachten we dat door flexibele werktijden en thuiswerken de druk meer over de dag verdeeld wordt. We zien ook dat steeds meer steden auto’s uit de binnenstad weren, omdat deze (te) veel ruimte in beslag nemen en zorgen voor luchtvervuiling. Openbaar vervoer, fiets en autodelen zijn goede alternatieven.

D66 wil dat vanaf 2020 het gemiddeld aantal met de auto afgelegde kilometers jaarlijks met 2% afneemt. Om dit te bereiken investeren we stevig in de infrastructuur voor de fiets en het openbaar vervoer en minimaal in de infrastructuur voor de auto. Ook willen we dat de reistijd van deur tot deur afneemt. Om de toenemende bevolkingsaantallen op te vangen investeren we wél in het beter benutten van wegen – bijvoorbeeld door sturing via data en reisinformatie. Daarnaast is het noodzakelijk tijdig voorbereidingen te treffen op het gebied van zelfrijdende auto’s. In samenwerking met gemeenten dringen we in het grootstedelijke gebied het autogebruik terug.

De uitgangspunten voor een duurzaam en toekomstbestendig mobiliteitsbeleid

 Bij het wijzigen of ontwikkelen van beleid op het gebied van mobiliteit wil D66 dat de provincie de volgende uitgangspunten hanteert:

  • De ladder van duurzame mobiliteit (zie afbeelding) wordt gehanteerd. Er wordt zoveel mogelijk hoog in de ladder gefaciliteerd, omdat bij elke volgende trede naar beneden de impact van mobiliteit toeneemt.
  • Eerst bewegen, dan bouwen. We koppelen nieuwe infrastructuur aan stedenbouwkundige plannen, waarbij de (OV-)infrastructuur in een vroegtijdig stadium bij de ontwikkeling van de wijk al aanwezig is. In 2050 is sprake van nul-emissie.
  • Het aantal OV-knooppunten volgt de vraag. Succesfactoren hierbij zijn vooral het aantal verschillende overstapmogelijkheden en korte overstaptijden naar andere vervoersmiddelen. Van bestaande knooppunten wordt de kwaliteit verbeterd.
  • Veiligheid en comfort staan voorop. Zo moeten wachtruimtes wind- en regenbestendig zijn en moeten grotere transferpunten beschikken over schone toiletvoorzieningen, wifi en goede koffie.

Een duurzaam en innovatief mobiliteitsbeleid

Beheer, onderhoud en aanleg van infrastructuur zijn uitermate geschikt om concreet te werken aan de ambities op het gebied van de energietransitie en de circulaire economie. D66 wil meer aandacht voor:

  • Energiebesparing en materiaalhergebruik bij de uitvoering van groot onderhoud van fietspaden, auto- en vaarwegen (fietspaden van bio- of afvalplastic).
  • Energieneutraal maken van provinciale wegen tijdens regulier gebruik (verlichting, reflectie, of het belang van donkerte laten prevaleren als de verkeersveiligheid het toestaat).
  • Energieopwekking via het wegdek, bijvoorbeeld door zonnepanelen in het wegdek aan te leggen.

Vraaggericht vervoer van deur tot deur (Mobility as a Service) is een belangrijke ontwikkeling die we willen steunen. Hiervoor komt experimenteerruimte beschikbaar via een Mobility Lab, waarbinnen overheid, bedrijven en universiteiten samen aan mobiliteitsoplossingen voor de toekomst werken.

De provincie heeft de afgelopen jaren vooropgelopen en bijgedragen aan innovaties als SolaRoad, vervoer op maat (Texel) en experimenten met zelfrijdende auto’s.

Ruim baan voor fietsers

Ongeveer 30% van de autoritten voor woon-werkverkeer is korter dan 10 kilometer. D66 wil dat de fiets voor deze afstanden een aantrekkelijk alternatief is en vaker wordt verkozen.

D66 zet vol in op de fiets in het provinciaal mobiliteitsbeleid. De fiets heeft grote voordelen. Fietsen is schoon en gezond. Het gebruik van de fiets neemt bovendien weinig openbare ruimte in. Met de komst van elektrische fietsen en zogenaamde speed pedelecs is fietsen bovendien een aantrekkelijk alternatief voor afstanden tot 30 kilometer. Daarom willen we ruim baan maken voor de fiets met goed onderhouden fietspaden, door het aanleggen van fietssnelwegen en doorfietsroutes, het oplossen van knelpunten, het bouwen van fietsenstallingen en laadvoorzieningen en het realiseren van betere meeneem- en overstapmogelijkheden.

Het fietsnetwerk

 De provincie Noord-Holland heeft een belangrijke coördinerende taak bij het versterken van de positie van de fiets in de openbare ruimte in Noord-Holland. Het beheer van het fietshoofdnetwerk is complex als je kijkt naar de verschillende partijen die hierbij een rol spelen. Het verbinden van gemeenten onderling en het verbinden van stedelijke gebieden met recreatiegebieden via een netwerk van snelfietsroutes, is daarbij van groot belang.

De fietsopgaven zijn voor veel gemeenten wel in beeld, maar de uitvoering lijkt soms kostbaar. Toch zijn vaak met relatief kleine investeringen al goede resultaten te bereiken om de infrastructuur te verbeteren. D66 wil dat de provincie gemeenten gaat ondersteunen met het in kaart brengen van snelle en betaalbare verbeteringen. We helpen gemeenten door bij fietsprojecten studiefases te subsidiëren en door een financiële bijdrage te leveren aan innovaties op het gebied van de fietsinfrastructuur. Gescheiden fietsstroken en ongelijkvloerse kruisingen (mits sociaal veilig uitgevoerd) hebben op drukke trajecten de voorkeur.

Met de fiets naar het openbaar vervoer

 Bijna de helft van de treinreizigers komt nu al met de fiets naar het station en meer dan tien procent van de treinreizigers pakt de fiets om op de eindbestemming te komen. De groei van het gebruik van de fiets kan verder doorzetten als stationslocaties voldoende bewaakte en onbewaakte fietsstalmogelijkheden hebben en er voldoende deelfietssystemen, zoals de OV-fiets, verkrijgbaar zijn. Als de bus, tram of metro wordt gebruikt om naar het station te komen zijn ook daar goede stallingsplaatsen nodig. Hier zetten we samen met de gemeenten op in.

Park & Bike

 Deelfietsen moeten niet alleen beschikbaar zijn op OV-locaties, maar ook bij grote parkeerplaatsen aan de randen van de steden. Hierdoor is er voldoende parkeergelegenheid en blijven de steden autoluw.

Vraaggestuurd, flexibel (openbaar) vervoer

Openbaar vervoer is voor veel mensen een aantrekkelijke reisvorm. Met openbaar vervoer kun je binnensteden bereiken, heb je geen files en kun je onderweg werken of je sociale media bijwerken. D66 vindt daarbij ook de betaalbaarheid van openbaar vervoer belangrijk, zodat het voor iedereen toegankelijk blijft.

Niemand in Noord-Holland mag zonder openbaar vervoer komen te zitten. Overal in Noord-Holland moeten ziekenhuizen, buurthuizen, winkels, scholen en recreatiegebieden bereikbaar zijn. Om dit te realiseren hanteren wij de volgende uitgangspunten:

  • De plekken waar de vraag naar OV groot is, blijven met elkaar verbonden door het stroomlijnennet. Op deze plekken is 7 dagen per week, 18 uur per dag hoogfrequent openbaar vervoer mogelijk met een aangepaste dienstregeling gedurende nacht.
  • Op plekken waar de vraag naar openbaar vervoer minder groot is, wordt gekozen voor maatwerk en innovatie, zoals belbussen, regiotaxi’s en flexibele routes. De Texelhopper is hiervan een goed voorbeeld.
  • We streven ernaar dat overal in Noord-Holland het openbaar vervoer betaald kan worden met de OV-chipkaart.
  • We zetten in op zo kort mogelijke reistijden en zoveel mogelijk comfort.
  • We streven naar een uitstootvrij OV.

Openbaar vervoer in de nacht

Het nacht-OV schiet op dit moment nog in de gehele provincie tekort. Vooral in het uitgaansweekend is dit een serieus probleem. D66 pleit ervoor dat iedereen op een veilige manier van de uitgaansgebieden naar huis kan gaan. Daarom moeten bus- trein- en metrolijnen langer doorlopen in de nacht, zodat ook degenen die iets verder buiten het stadscentrum wonen veilig thuis kunnen komen.

OV-projecten in de verschillende regio’s

 D66 zet zich in voor het realiseren van de volgende projecten:

  • Het doortrekken van de Noord-Zuidlijn naar Schiphol en Zaanstad. Mogelijk later ook naar Purmerend.
  • HOV-verbinding van Almere naar Utrecht (via het Gooi).
  • Een tweede OV-verbinding tussen Almere en Amsterdam. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de enorme uitbreiding en ontsluitingsbehoefte van IJburg.
  • Verbeterde samenwerking tussen de vervoerregio’s Amsterdam en Utrecht bij de bereikbaarheid van de Gooi en Vechtstreek.
  • Een studie naar een lightrailverbinding Amsterdam – Huizen – Hilversum.

Auto- en vrachtvervoer

D66 wil het autogebruik verminderen. Dat is beter voor het milieu, voor de gezondheid van de Noord-Hollandse inwoners en voor de doorstroom van verkeer. Het provinciaal beleid, waar ook gedragsmaatregelen deel van uitmaken, moet de Noord-Hollander verleiden meer gebruik te maken van de fiets of het OV.

Na het oplossen van een aantal knelpunten – zoals de bereikbaarheid van de Duin- en Bollenstreek en de leefbaarheidsproblematiek in Krommenie-Assendelft (zie hierna) – zien wij geen noodzaak voor de aanleg van nieuwe wegen of verbindingen in Noord-Holland. Door smart mobility wordt het autoverkeer effectiever en wordt reistijd gewonnen.

Binnen het wegverkeer blijven we aandacht vragen voor slim verkeersmanagement. Met onderlinge afstemming tussen verkeerslichten (groene golf), tunneldosering en slimmere brugbediening is nog altijd reistijdwinst te boeken. Waar de verkeersveiligheid dat vraagt, wordt op provinciale 80 kilometer wegen de snelheid verlaagd naar 60 kilometer per uur. Er komt meer beleidsmatige aandacht voor het voorkomen van aanrijdingen, zowel met mensen als met dieren.

Bij ieder infrastructureel project dient een landschapsplan en een compensatieplan te worden gemaakt, waarin aandacht wordt besteed aan de inpassing en de invloed op natuur, cultureel erfgoed en landschap en de uitvoerbaarheid van natuurcompensatie.

Autodelen

We willen samen met gemeenten plannen ontwikkelen voor stimuleringsmaatregelen voor autodelen.

Elektrisch rijden

Voor een schone lucht en vermindering van lawaai, zetten we in op een sterke groei van voertuigen zonder uitstoot. Ook hier denken we mee met gemeenten over het instellen van (aangescherpte) milieuzones of stimuleringsmaatregelen voor elektrische auto’s. We investeren in snellaad- en waterstofstations. Onderzoek naar bevoorrading met elektrische voertuigen is nodig.

Het wegennet: inpassen en beter benutten

D66 hecht aan goed natuurbeheer en inpassing van wegen in het landschap. Provinciale wegen doorkruisen dit landschap en de aaneengesloten gebieden waar dieren zich kunnen verplaatsen. Wij zijn voorstander van de aanleg van faunatunnels en ecoducten.

Oplossen knelpunten

 Een aantal verbindingen vraagt om aanvullende maatregelen. Het infrastructurele project A8/A9 heeft prioriteit binnen de toetsingskaders van een positieve maatschappelijke kosten-/batenanalyse (MKBA) en uitgaande van natuurcompensatie.

A8/A9

Door het ontbreken van een verbinding tussen de Rijkswegen A8 en A9 bestaan leefbaarheidsproblemen in Krommenie en Assendelft en is er sprake van verkeersopstopping op de N203 en N246. D66 wil dat hiervoor een oplossing komt, maar deze oplossing mag niet ten koste gaan van de UNESCO-status van de Stelling van Amsterdam, de leefbaarheid in de IJmond of het landschap. Goede landschappelijke inpassing en behoud van erfgoed zijn harde voorwaarden voor D66 om in te stemmen met een verbinding.

Leefbaarheid en geluid

D66 wil dat de provincie de gemeenten ondersteunt bij het verbeteren van de leefbaarheid langs de rijkswegen, zoals bij het Naarderbos en de geluidsschermen A22/A27.

N247

De N247 tussen Amsterdam en Hoorn is een groot verkeersknelpunt. In Broek in Waterland zorgt het toenemende verkeer voor grote leefbaarheidsproblemen. In een bijzondere co-creatie hebben de Dorpsraad van Broek in Waterland en de provincie een aantal (ondergrondse) oplossingen uitgewerkt. D66 wil dat een passende oplossing wordt gevonden die de doorstroming en leefbaarheid in Broek in Waterland verbeteren. De natuur mag er niet op achteruit gaan.

Duurzame binnen- en recreatievaart en personenvervoer over water

In een waterrijke provincie als Noord-Holland is vervoer over water een goed alternatief voor vervoer over de weg en over het spoor. Voor schoon water en schone lucht zetten we in op schone binnen- en recreatievaart. De provincie ondersteunt gemeenten die willen overgaan op het gebruik van walstroom en het invoeren van een generatorverbod (in bepaalde delen) binnen de haven. De regeling Water als Economische Drager (WED) blijft beschikbaar voor groene investeringen, bijvoorbeeld voor havens en voor voorzieningen in het kader van het elektrisch sloepennetwerk.

Personenvervoer

Personenvervoer over water is mogelijk een goed alternatief bij de aanpak van drukte op de weg. Door woon-werkverkeer, scholierenvervoer en de recreatieve en toeristische vervoersvraag te combineren, biedt snelverkeer over water (60 km per uur) een interessante mogelijkheid om steden en lokale economieën rond het Markermeer / Gooimeer en het Noordzeekanaal meer met elkaar te verbinden. Noord-Holland trekt hierin samen op met Flevoland en Friesland.

Pontveren over het Noordzeekanaal en het IJ moeten – zeker in de spits – frequent varen (iedere 10 minuten). De provincie gaat hierover het gesprek aan met het GVB.

Goederenvervoer

De vaarwegen moeten daarnaast optimaal ingezet worden voor goederenvervoer. Daarbij horen complete voorzieningen zoals een volledig vaarnetwerk en voldoende kwalitatief hoogwaardige overslaglocaties. De provincie blijft, met gemeenten, zoeken naar nieuwe locaties voor overslaggebieden.

Provincie en gemeenten kunnen milieueisen stellen aan het type schepen dat nog in de haven mag komen. Hiervoor wordt een ambitieus stappenplan ontwikkeld.

Bron: Verkiezingsprogramma D66NH 2019-2023

Laatst gewijzigd op 28 januari 2019